Pagina's

Posts tonen met het label Gebiedsontwikkeling. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Gebiedsontwikkeling. Alle posts tonen

maandag 25 maart 2013

Crowdfunding en projectontwikkeling; kansen en valkuilen

Er wordt de laatste tijd steeds meer over geschreven. Veel lovende berichten / blogs / posts / artikelen / onderzoeken over de haast onbegrensde mogelijkheden van crowdfunding. Het enthousiasme is volledig terecht; alle vernieuwende concepten verdienen dit. Ook binnen ruimtelijke ontwikkeling zowel in Nederland als wereldwijd is het steeds vaker terug te zien. Maar onbegrensd is het zeker niet. 

Vorig jaar heb ik via de winst van de Continu essayprijsvraag een artikel over gebiedsontwikkeling en crowdfunding mogen schrijven voor de Vastgoedmarkt. Ik heb veel leuke en positieve reacties daarop gekregen. Nu, een jaar later, ben ik er weer met een frisse blik in gedoken toen ik werd gevraagd om een college voor de MUAD te geven. 

Tijdens het interactieve college kwamen al snel de vele beperkingen naar boven; het prijsplafond, de belemmerende regelgeving, onwetendheid en onzekerheid. 
Nadat de studenten zelf aan de slag gingen werden er gelukkig ook tal van kansen zichtbaar. Het opwekken van sympathie en vertrouwen door duurzaamheidsonderdelen (zonnepanelen, windmolens, energie-opwekkende speeltuinen, etc) te crowdfunden maar ook vooral het gebruik maken van het viral effect van de campagne. Ondanks dat het moeilijk zal worden om een hele vastgoed ontwikkeling te financieren middels crowdfunding kan het wel een hele sterke boost geven aan de bekendheid, verkoopbaarheid of gewoon net dat extra zetje in de rug om alles door te laten gaan... 

Hieronder zijn mijn slides van het college te zien. 

<iframe src="http://www.slideshare.net/slideshow/embed_code/17208604" width="427" height="356" frameborder="0" marginwidth="0" marginheight="0" scrolling="no" style="border:1px solid #CCC;border-width:1px 1px 0;margin-bottom:5px" allowfullscreen webkitallowfullscreen mozallowfullscreen> </iframe> <div style="margin-bottom:5px"> <strong> <a href="http://www.slideshare.net/jburggraaff/130314-presentatie-muad-crowdfunding-jburggraaff" title="MUAD presentatie over Crowdfunding &amp; projectontwikkeling" target="_blank">MUAD presentatie over Crowdfunding &amp; projectontwikkeling</a> </strong> from <strong><a href="http://www.slideshare.net/jburggraaff" target="_blank">Joris Burggraaff</a></strong> </div>

woensdag 10 oktober 2012

wat kan nieuwe media wel en niet betekenen voor de vragersmarkt?


Mijn onderzoek naar het gebruik van nieuwe media binnen de ontwikkeling van woningen nadert zijn afronding. Vanwege de drukte hiermee is het alweer een tijdje geleden dat ik een bericht op mijn blog heb gepost. 9 November is mijn verdediging. Binnen een maand heb ik dus eindelijk mijn Ir.-titel op zak. Zodra het onderzoek definitief is zal ik het (delen ervan) hier plaatsen. Vandaag een aantal bevindingen en conclusies van niet-uitgekomen verwachtingen die ik vóór mijn onderzoek had gesteld. 



de vragersmarkt: planoptimalisatie én klantbinding?
Tijdens de 36 interviews die ik met experts van verschillende bedrijven uit de woningmarkt heb gedaan ben ik erachter gekomen dat de vragersmarkt vrij onbekend terrein is. Iedere maand ontpopt er wel ergens een nieuw initiatief en bijna alle grote woningontwikkelaars zijn bezig met het toepassen van nieuwe media om de communicatie met de eindgebruiker te stimuleren. Een zeer goede beweging uiteraard. In mijn vorige post (zie hieronder) heb ik een overzicht laten zien van verschillende bestaande woonplatforms die nu gebruikt worden. 

Ontwikkelaars gebruiken woonplatforms, digitale ontmoetingsplaatsen rondom het onderwerp wonen, om feedback op hun voorlopige plannen te ontvangen. Omdat aanpassingen op het ontwerpproces veelal achterblijven wordt de input alleen gebruikt om de eerder bedachte plannen te bevestigen. Komen de plannen niet overeen, dan worden er eindgebruikers gezocht die het er wel mee eens zijn. 

figuur 1; een online platform voor of planoptimalisatie of klantbinding
Daarnaast is een belangrijke reden om een woonplatform in te schakelen voor ontwikkelaars het verlagen van hun afzetrisico. Door vroegtijdig met de toekomstige klanten in gesprek te gaan, bijvoorbeeld via een online platform, zullen zij eerder in het proces tekenen. Hierdoor kan de ontwikkelaar sneller zijn 70%-minimum bereiken. Alles aan deze gedachte klopt, behalve één onderdeel. Het binden van de klant, door met hem in gesprek te gaan, is maar een korte tijd voor oplevering mogelijk. Zodra het project nog in de ontwerpfase zit is deze periode te lang. Klanten kunnen dus onmogelijk langer worden gebonden door met hen in gesprek te gaan in deze fase. 
Kortom, de ontwikkelaar zal duidelijk zijn doel moeten kiezen: Of het platform heeft als doel om de plannen zo goed mogelijk af te stemmen op de eindgebruiker (of andersom). Óf het platform kan worden gebruikt om klanten te binden om je afzetrisico af te laten nemen, veel later in het proces. 

geleidelijke opbouw van een communicatieplatform
Bouw Informatie Modellen (BIM) hebben een grote impact op de bouwwereld. Door alle informatie op een digitale locatie te centraliseren neemt de consistentie toe, communicatiesnelheid, overzicht enzovoort. 

Tijdens de ontwikkeling van woningen zijn er tal van partijen betrokken. Iedere partij heeft aparte belangen en (woon)wensen. Gedurende het ontwikkelproces is het noodzaak dat al deze verschillende wensen en belangen op elkaar worden afgestemd en in een ruimtelijk ontwerp worden vertaald waarmee iedereen tevreden is. Zouden de principes van BIM, gecentraliseerde informatie op een digitale locatie, hier niet een enorme bijdrage aan kunnen leveren? 

Het antwoord is ‘ja, maar nu even niet’. Door de combinatie van professionele partijen (overheden, belegger, ontwikkelaar, etc.) en niet-professionele partijen (woningzoekenden, omwonenden) wordt de vergelijking met BIM erg lastig. Bij BIM gaat het om interne- of projectcommunicatie terwijl het gebruik van niet-professionele partijen vraagt om externe communicatie. Om de laatste partij erbij te kunnen betrekken is het van belang om de inspanning tot communiceren en het vakjargon zo laag mogelijk te houden. Hierdoor neemt gemiddeld wel de kwaliteit van informatie af. 

figuur 2; belangen om via een online platform te communiceren,
vóór de woonwensen van de eindgebruiker bekend zijn.
 
figuur 3; belangen om via een online platform te communiceren,
nadat de woonwensen van de eindgebruiker bekend zijn.

De kwaliteit is lager en daarom zullen, zoals blijkt uit de interviews, professionele partijen niet snel geïnteresseerd zijn om op een dergelijk platform te communiceren. De enige reden waarvoor zij de moeite nemen om naar zo’n online platform te gaan is om de woonwensen en belangen van de woningzoekenden te achterhalen. Deze informatie geeft het draagvlak van het plan aan waardoor zij hun participatierisico’s beter in kunnen schatten.  Is deze informatie (nog) niet, te weinig of slechts indirect aanwezig dan is het voor hen ‘sneller en makkelijker’ om via de traditionele kanalen hun zegje te doen; bijvoorbeeld bestemmingsplannen of contracten. 


Doordat de complexiteit van projecten toeneemt zullen ook de onzekerheden groter worden. De manier van werken waarin zoveel mogelijk onzekerheden vooraf worden vastgelegd in het bestemmingsplan of in een dichtgetimmerd contract zal steeds meer onder druk komen te staan. 

Zodra die druk te hoog wordt zal het antwoord veranderen in ‘ja’. 

vrijdag 25 mei 2012

Bouwen met de consument; een overzicht van online woonplatforms


Aanleiding
Sinds enige tijd duiken er talloze online platforms op die gericht zijn op de consument, of vraaggericht bouwen zoals dat zo mooi heet. Omdat ik met mijn afstudeeronderzoek bezig ben met Samen wonen, ook zo’n dergelijk platform, heeft de gemeente Den Haag mij gevraagd of ik een overzicht wil laten zien van bestaande platforms, gericht op de woonconsument. 
In dit artikel zet ik er een aantal op een rijtje. Let op, het zijn ze lang niet allemaal, het zijn niet de grootste, bekendste of belangrijkste, nee het zijn de meest van elkaar verschillende platforms, uiteengezet in de tijd. 
Een platform zie ik als een ontmoetingsplek, een online platform dus vanzelfsprekend als een ontmoetingsplek op internet. Dat ze de laatste tijd als paddestoelen uit de grond schieten heeft meerdere redenen. Enerzijds is de maatschappij erg onder de invloed van social media en zijn we met elkaar bezig om  nieuwe manieren van communiceren en privacy normaal te gaan vinden. Het gemak van massacommunicatie en gedwongen transparantie komende vanuit internet helpen hier enorm bij. 
Hier komt nog bij dat we middenin een recessie zitten. Woningen worden nauwelijks meer verkocht en iedereen is op zoek naar dé oplossing. Zelf ben ik ervan overtuigd dat dé oplossing niet bestaat, maar nieuwe ontwikkelingen als online woonplatforms wel heel erg kunnen helpen. Het zijn hulpmiddelen, in verschillende vormen en maten, om de afstand tussen professional en woonconsument te verkleinen, om meer vraaggestuurd te kunnen ontwikkelen. 
Overzicht woonplatforms

Inventariseren, informeren of communiceren?
Bovenstaande afbeelding is een vogelvlucht over een aantal woonplatforms heen. Zoals te zien zijn er een aantal kapstokken gebruikt om een onderverdeling te kunnen maken. 
In eerste instantie zie je de tijdsbalk; verschillende functies zijn nodig op verschillende momenten in het ontwikkelproces. Hierdoor zie je dat de meeste platforms maar voor één of enkele ontwikkelfasen geschikt zijn. Zonde, aangezien je dan net interesse en naam hebt gekweekt. 
Een tweede kapstok die gebruikt is om onderscheid te maken is de locatie. Vooralsnog zijn de meeste platforms locatie-ongebonden. Dat wil zeggen dat ze meerdere locaties beslaan. 
Zonde, als je het mij vraagt. Aangezien iedere locatie een uitgebreide context bevat, die context bepaald welke mensen daarin geïnteresseerd zijn. Waarom zijn de platforms dan ook niet ingericht speciaal voor die mensen of doelgroep? De andere kant is natuurlijk dat men een verzamelpunt wil creëren, een nieuwe standaard zoals bijvoorbeeld Funda heeft gedaan. Daar wil je iedereen iets kunnen bieden. Zou het nog ver in de tijd vooruit zijn om te denken dat iedere website automatisch gepersonaliseerd wordt naar jouw specifieke wensen en eisen. Dat alleen de functies zichtbaar zijn die jij als bezoeker wilt, in de kleuren die jij prettig vindt maar toch met de hele bestaande woningvoorraad erop? 
De derde kapstok is de primaire communicatievorm, met de woonconsument, waarvoor het platform dient. Pijl omhoog betekent informeren; er gaat informatie van het platform naar de consument. Pijl omlaag is uiteraard het omgekeerde; inventariseren. Interessant wordt het zodra het platform gericht is op communiceren. Bij locatie-ongebonden platforms zie je dat veel bij (C)PO-projecten. Ontwikkelaars verschuiven van risicodragende partijen naar adviseurs van (collectief) particuliere initiatieven. Ook  gemeentes proberen op deze wijze van hun overtollige gronden af te komen. Fantastische initiatieven, alleen  is het wel beperkt tot de consumenten die zelf deze touwtjes in handen willen en durven nemen. 
In gesprek
In onderstaande slideshow worden een aantal voorbeelden uit het overzicht kort toegelicht. Er is een duidelijk onderscheid te maken in functies waarvoor de verschillende platforms in het leven zijn geroepen. De steeds belangrijkere rol van social media en online communicatie zal, mijns inziens, ervoor zorgen dat er steeds meer interactieve platforms zullen komen, gericht op het gesprek. Een voorbeeld hiervan zijn projectwebsites van nieuwbouw ontwikkelingen. Korte tijd geleden was dit nog volledig gericht op het informeren van de woningzoekenden. De laatste jaren is dit steeds meer aan het verschuiven richting het  gesprek. Hollands Goed (Bouwfonds) heeft daar een stap in gezet en de volgende stap, richting co-creatie en co-makers, is nu gaande. Wie weet kan Samen wonen de stap daarna zijn! Lees het artikel hieronder voor daar meer informatie over. 
Dit overzicht is een inschatting van een aantal bestaand woonplatforms. Het kan zijn dat bepaalde platforms tóch anders zijn dan is geïnterpreteerd, of dat er unieke platforms gemist zijn. Reacties zijn welkom. 



vrijdag 4 mei 2012

Samen wonen

hoe maak je een woningplatform voor de massa op maat?



Deze vraag heeft afgelopen maanden centraal gestaan in mijn onderzoek. Om richting het antwoord te gaan begin ik even bij het begin; een overzicht van mijn totale afstudeeronderzoek, vanaf september 2011 tot aan vandaag. 
Waarom?
figuur 1
Het probleem waarop Samen wonen zich richt bevindt zich rond het domein communicatie binnen het vakgebied gebieds- en projectontwikkeling van woningbouw. In 2009 konden ruim 1 miljoen huishoudens de woning niet vinden waar ze naar op zoek waren. Vraag en aanbod wordt niet op elkaar afgestemd tijdens het ontwikkelproces waardoor er onnodige risico’s worden gelopen, onnodige kosten worden gemaakt en uiteindelijk de verkeerde huisvesting wordt gebouwd. Jarenlang is er vanuit het aanbod ontwikkeld. Nu zegt men tegenwoordig wel dat dit een hele andere tijd is dan 2009, maar is dat ook zo? Dat ontwikkelaars -het gaat hier om de rol als ontwikkelaar, niet automatisch het beroep- vraaggestuurd gaan werken weet iedereen, maar  laten we even inzoomen op de communicatie-aspecten hiervan.
In figuur 1 is de ontwikkelaar schematisch weergegeven als ‘spin in het web’ of ‘regisseur van het ontwikkelproces’ zoals hij veelal wordt genoemd. Zolang hij centraal staat, gaat alle informatie via hem. Het spreekwoord ‘kennis is macht’ wordt heilig verklaard, ook al spreken sommigen dit tegenwoordig tegen. 
Echter, vraaggestuurd ontwikkelen is niet alleen het luisteren naar de vraagzijde van de markt, maar dit gaat verder dan dat. Vraaggestuurd ontwikkelen is het luisteren naar de vraagzijde van de markt én het handelen hiernaar. Als je dan toch hiernaar handelt, waarom zou je dan centraal willen staan? Op deze manier vergroot je namelijk de kans op misinterpretatie en vertraging. Inefficiëntie en ineffectiviteit. 
Is dat dan wel veranderd sinds 2009? Nee, volgens mij stelt de ontwikkelaar zich nog steeds volledig centraal in het proces.
Hoe?

figuur 2
Figuur 2 ziet eruit als een simpele oplossing voor dit probleem. Dit is het echter niet. Samen wonen is niet dé oplossing, sterker nog, er is niet één oplossing. Deze problemen rondom communicatie zullen altijd in meer of mindere mate blijven bestaan. Samen wonen dient er slechts voor om de communicatie tussen stakeholders in een ontwikkelproces te stimuleren. Het is  de smeerolie van het proces. 


Wat?
Samen wonen is een online platform met als doel de stimulatie van communicatie tussen potentiële stakeholders in een ontwikkelproces. 

figuur 3
Wat is dat platform dan precies en hoe ziet dat eruit? Om antwoord te zoeken op deze vraag heb ik de afgelopen maanden met heel veel experts gesproken. Aan de hand daarvan heb ik een 16-tal spelregels opgesteld. Deze regels beschrijven hoe het platform eruit ziet en wat het moet kunnen. Deze zijn in figuur 3 te zien. 
Daarnaast kwam de constatering dat de opzet van een online platform draait om de beleving die men ervaart. Is deze positief dan keert men terug en gaat men (erover) praten met elkaar. De potentiële stakeholders, van belegger tot gemeente, zijn benaderd om erachter te komen welke belangen wanneer van toepassing zijn in een project. 
Het knelpunt zit bij de groep woningzoekenden. Om ervoor te zorgen dat óók zij terugkomen naar het platform zijn woningzoekenden, spelontwikkelaars, communicatiebureau’s en marketeers benaderd om de beleving vorm te geven. 
Vastgoed is per definitie context bepaald. Het is ten alle tijden afhankelijk van de locatie en haar context, en dus afhankelijk van een reeks variabelen. Dat betekent dat de spelregels ook variabel zijn. De uitdaging die al snel naar voren kwam vanuit de woningmarkt- (alle stakeholders behalve woningzoekende) en de belevingszijde (experts namens de woningzoekende, en uiteraard ook zijzelf) is de vraag uit de ondertitel; hoe maak je een woningplatform voor de massa op maat? In iedere fase van een project heeft het platform andere kenmerken en spelen er dus andere belangen om communicatie te stimuleren. Daarnaast beleeft iedere deelnemer, in dit geval vooral gericht op de woningzoekende, alles anders. Deze belevingen zijn gesegmenteerd door een combinatie van de theorieën van Bartle en SmartAgent te gebruiken. 
De context van een vastgoedproces is uiteindelijk uiteengezet aan de hand van leefstijlen en fasering.  Zie figuur 4; de fasen staat respectievelijk voor de definitie-, stedenbouwkundig ontwerp-, schetsontwerp-, voorlopige ontwerp-, definitief ontwerp-, technisch ontwerp-, bouw- en de beheer fase. Iedere cel staat voor een afstemming van de specifieke fase en -leefstijl. 


leefstijl \ fase
definitie
sted. ontwerp
SO
VO
DO
TO
bouw
beheer
groen








geel








rood








blauw








                                                   figuur 4
Spelregels
Wat is die afstemming dan? Zoals eerder gezegd zijn de spelregels afhankelijk van meerdere aspecten. In figuur 4 is een indeling gemaakt in de leefstijlen (rijen) en de ontwikkelfasen (kolommen). 
Bij de leefstijlen (rijen) is gekeken naar hoe mensen in elkaar zitten, wat vinden zij belangrijk vinden en vooral wat hen motiveert. Deze leefstijlen zijn vaak te koppelen aan de geografische context van een locatie. Waar ligt de locatie? Wat zijn de omringende woonmilieus? Wat zijn de mogelijke bouwtypes? 
Dit heb ik door laten werken op het platform door een prioritering van spelregels. In figuur 5 zie je de spelregels van a tot p, uiteengezet naar het belang voor de groene leefstijl. Zo zie je wat er voor hen wel en niet belangrijk is. Des te hoger het cijfer van de spelregel is, des te belangrijker het is om in je platform naar voren te laten komen. 

figuur 5
De kolommen van figuur 4 hebben betrekking op de fase waarin het project zich bevindt. Aan de hand daarvan zijn de 16 spelregels opnieuw geprioriteerd. In figuur 6 zie je een aantal spelregels (de verschillende kleuren), gekoppeld aan het belang in de tijd. De paarse lijn (O. Combineer met offline contact) laat ziet dat de integratie van deze regel belangrijker wordt naar mate men verder in het traject komt. Tijdens de definitief ontwerpfase (DO) is het dus belangrijker om bijvoorbeeld face-to-face gesprekken te houden dan tijdens de definitiefase. 
figuur 6
Worden deze twee stelsels samengevoegd dan is duidelijk welke spelregel, voor wie, op welk moment belangrijk is.
Voorbeeld
Project X bevindt zich in de voorlopig ontwerp-fase (VO) en er wordt verwacht dat er veel woningzoekenden van de groene leefstijl op het project af zullen komen. Dit kan aan de hand van locatie, sfeer, woningtype, buurt of andere karakteristieken gebeuren. 
De volgende stap is het vergelijken van de twee stelsels. Uit zowel de prioritering op leefstijl (figuur 5) als op fase (figuur 6) blijkt dat het proactief gebruiken van social media (spelregel K in figuur 5, paarse lijn in figuur 6) van groot belang. Dit komt onder andere omdat het genereren van unieke bezoekers zeer belangrijk is tijdens een VO fase en een groot gedeelte van de bezoekers over het algemeen minder proactief vanuit zichzelf zijn. 
Naast het online platform is het, vooral voor deze leefstijl, ook zeer belangrijk om fysiek contact te hebben, zie spelregel O in figuur 5.  Combineer Samen wonen met veel traditionele communicatiemethodes zoals klantenpanels in buurthuizen, eettafelgesprekken tussen ontwikkelaar en buurtbewoner en eventueel ook advertenties in het buurtkrantje. Vergeet dan niet de koppeling tussen online en offline te maken!
Antwoord op de vraag hoe je een woningplatform voor de massa op maat maakt kan nog niet volledig worden gegeven. In oktober verwacht ik afgestudeerd te zijn en dit wel te kunnen. Een voorlopig antwoord is de combinatie van de spelregels en prioritering die het platform Samen wonen vormen.
Dit was slechts een zeer kleine greep uit mijn onderzoek. Voor vragen of reacties kun je bij mij terecht via email, Twitter, Linkedin of een plaats een reactie onder dit bericht. 

dinsdag 28 februari 2012

De mechanismen van gamification

Gamification is het toepassen van spel-technieken en -elementen in niet-spel situaties. In het algemeen dient het om problemen op te lossen en het publiek deel te laten nemen. De praktische uitwerkingen worden in dit artikel ‘mechanismen’ genoemd. Deze probeer ik door middel van voorbeelden inzichtelijk te maken. Ongetwijfeld is dit niet compleet en kloppen de beschrijvingen, doelen en voorbeelden niet helemaal. Aanvullingen en feedback zijn daarom van harte welkom.

Eerst even kort een introductie hoe ik hier terecht ben gekomen. In eerdere blogs heb ik de basis van Samen wonen, een online platform, uitgelegd. Dit platform stimuleert communicatie in het ontwikkelproces van woningbouw. Om dit te bereiken en deelnemers samen te laten bijdragen aan de totale ontwikkeling van woningen zijn drie subdoelen opgesteld: 1) Voldoende activiteit en informatiedeling op het platform, 2) afstemming en sturing van de informatie in de juiste vorm en op de juiste plek en 3) binding met het platform. Uiteraard zijn deze drie ook van elkaar afhankelijk. In de onderstaande tabel zijn deze doelen gekoppeld aan de mechanismen. Ik verwacht dat gamification eraan bij kan dragen om deze subdoelen te bereiken.

Vrij nieuw in dit rijtje zijn co-creatie en storytelling. Deze mechanismen leveren een bijdrage aan de vaak beschreven epic meaning (het allesoverstijgende doel met een diepere betekenis) en het verlangen tot zelf-expressie.
Co-creatie kenmerkt zich door het bijdragen aan het (eind)resultaat. Deelnemers werken met elkaar aan een product.
Storytelling draait om het doorlopende verhaal en wordt gebruikt om losse delen met elkaar te verbinden en een epic meaning te bepalen. Het verhaal hoeft niet perse de waarheid te zijn.
Veel kinderen gebruiken het in de vorm van fantasieën. In de onderstaande figuur is er dan ook bewust gekozen voor een spelend kind. Kinderen gebruiken storytelling om de wereld leuker te maken of de tijd sneller voorbij te laten. Zij vertellen dan -vaak verzonnen- verhalen aan zichzelf en hun vriendjes. Zelf vond ik de weg van school naar huis vroeger altijd erg lang en saai. Terwijl ik op de fiets zat gebruikte ik vaak storytelling. Ik verzon een verhaal dat de witte stippellijnen van het fietspad gaten in de weg waren. Die mocht ik absoluut niet raken, maar ik moest ze wel volgen om de weg niet kwijt te raken. Dat resulteerde in zigzaggend over het fietspad rijden, iets wat je veel kinderen ziet doen. Aan een alledaagse saaie bezigheid werden de mechanismen challenge en storytelling verbonden.

Het is lastig om één overzicht van mechanismen te krijgen aangezien iedereen andere principes hanteert. Veel auteurs gebruiken mechanismen en motivaties door elkaar, anderen motivaties en verlangens en ga zo maar door. Met name reward, achievement en status worden aan beide kanten gebruikt. Het kan zijn dat dat in onderstaande tabel ook is gebeurd, dan hoor ik het graag...


Bronnen

www.theconversationmanager.com/
gamification.org/wiki/Game_Mechanics
www.coolermedia.nl/
en.wikipedia.org/
www.marketingfacts.nl/
www.youtube.com - Sebastian Deterding
www.meermotiveren.nl/

zondag 11 december 2011

Update afstudeeronderzoek

Vanaf september ben ik begonnen met mijn afstudeeronderzoek voor de studie Real Estate & Housing aan de TU Delft. Hierin focus ik me op de mogelijkheden van innovatieve media in de initiatieffase van gebiedsontwikkeling. In de onderstaande presentatie staan de eerste beweegredenen en uitgangspunten van dit onderzoek. Het zal lopen tot de zomer van 2012, tot die tijd zal met enige regelmaat voortgang en bevindingen op deze blog plaatsen. Het onderwerp van mijn vorige blog (crowdfunding binnen gebiedsontwikkeling) zal een onderdeel van het totale onderzoek zijn.


vrijdag 18 november 2011

Dé nieuwe trend: Crowdfunding in gebiedsontwikkeling

(Met dit artikel is de eerste prijs van de Continu essay prijsvraag van Hét Vastgoedsymposium gewonnen)

Waarom?

Vanwege de krediet crisis en steeds strengere financiële regelgeving wordt het lastiger om financiering voor een startende onderneming of project te vinden. Entrepreneurs zoeken alternatieven om hun ideeën te kunnen realiseren (Voorbraak, 2011). Oplossingen voor dit financieringsvraagstuk wordt bij startende entrepreneurs voor het grootste gedeelte in zijn of haar eigen netwerk gezocht. Vader, moeder, broer, buurman of kennis (Crowdfunding, 2011).

Dit essay richt zich op één van de alternatieve mogelijkheden om bij te kunnen dragen aan het financieringsvraagstuk binnen gebiedsontwikkeling; crowdfunding. De stelling is dat crowdfunding gaat worden gebruikt binnen gebiedsontwikkeling. ‘Waarom dit?’ en ‘hoe?’ zult u antwoord geven op de invulling van deze trend.
Binnen gebiedsontwikkeling kan er gesteld worden dat het ‘oude denken’ niet meer werkt. Dit begint al bij de opbouw van deze blog. De essentie-vragen ‘wat?’, ‘hoe?’ en ‘waarom?’ (Abrams, 2000) zijn dan ook 180 graden omgedraaid. Top down wordt bottom up waarmee aangegeven wordt dat er van binnenuit, de eindgebruiker, eerst moet worden gekeken. De uitwerking, de ‘wat’, komt pas op het einde.


Hoe?

Kort gezegd, crowdfunding is een collectieve inspanning van mensen die hun geld bij elkaar voegen om zo deze initiatieven financieel ondersteunen (Ordanini, 2009).

De wetenschappers Andrea Ordanini, Lucia Miceli, Marta Pizzetti en A. Parasuraman hebben uitgebreid onderzoek gedaan naar de relaties met consumenten bij crowdfunding. Omdat de slag naar gebiedsontwikkeling te maken zijn deze relaties zeer belangrijk, dit onderzoek wordt daarom als basis voor dit stuk gebruikt.

Het optimaal gebruik maken van het publiek begint de laatste jaren inventievere vormen aan te nemen. Eerst was er crowdsourcing: Dit wordt toepast om er op een snelle manier achter te komen wat de mening van een breed publiek is (Belleflamme et al., 2011). Gebruik maken van het publiek kan op verschillende manieren, waar crowdfunding er één van is.

Initiatiefnemers kunnen hun ideeën op verschillende, meestal online, platforms plaatsen om te zien of er draagvlak te vinden is om het te realiseren. Crowdfunding is een collectieve inspanning van mensen die hun geld bij elkaar voegen om zo deze initiatieven financieel te ondersteunen (Ordanini, 2009). Een aantal mensen beslissen om te betalen voor het produceren en eventueel promoten van een product, in plaats het het ‘slechts’ te kopen.

Er zijn reeds een aantal precedenten van crowdfunding van de grond gekomen. Hier volgen een aantal voorbeelden.
Crowdfunding heeft op www.cinecrowd.nl al geresulteerd in in de productie van 5 nieuwe films binnen 100 dagen. Op www.voordekunst.nl staan verschillende kunstinitiatieven en www.kickstarter.com vertegenwoordigt de creatieve sector. Het laatste platform is vooral bekend geworden door de Pen Type-A, een uiterst succesvol project waar er om $2.500 werd gevraagd en maar liefst $281.989 (>10.000%) ontving!
Binnen de conservatieve vastgoed-branche beginnen er langzaamaan precedenten te ontstaan. Een eerste voorbeeld is MyBar. Dit project doelt erop om een café in Beirut te financieren. De geldschieters kunnen dan voor een relatief klein bedrag mede eigenaar worden. Ze hebben hier een bestuur aangesteld die de gewenste mix van crowdfunders selecteert. Vervolgens geven ze lidmaatschappen uit aan de geselecteerde investeerders, variërend van $2.000 tot $20.000 (Ordanini et al., 2011).
Een ander voorbeeld is dichter bij huis. 11 oktober jongstleden lanceerde de gemeente Rotterdam de crowdfunding-campagne ‘I Make Rotterdam’. In dit project trachten ze ‘De Luchtsingel’, een houten voetgangersbrug van 350 meter in het centrum van Rotterdam te financieren door de menigte. Ze doen dit door potentiële investeerders drie opties voor te leggen: Een plank kopen voor €25, een brug-doorsnede kopen voor €125 of een deel van de opbouw voor €1250. Op de aangekochte elementen verschijnt dan de naam van de sponsor (I Make Rotterdam, 2011).


Waarom crowdfunding?

Een belangrijk kenmerk van vastgoed is het dat een locatiegebonden goed is. Dit vertoont al direct de eerste link met crowdfunding (Agrawal et al., 2011)(Breeman, 2011): Ieder persoon hecht waarde aan de omgeving waarin hij leeft. Maar, door de financieel moeizame periode waarin we verkeren zijn een groot aantal projecten uitgesteld, danwel stop gezet (Joolingen et al., 2009). Grote bouwprojecten, met name gebiedsontwikkeling, heeft een grote impact op de omgeving.
De vraag ‘waarom crowdfunding?’ is op te delen in twee kampen. Ten eerste is het van belang om te weten waarom een persoon zou willen investeren in een crowdfunding project. Vervolgens is het ook van belang om te weten waarom de initiatiefnemer crowdfunding zou gebruiken. Kortweg, wat zijn de voordelen van de financierder en de initiatiefnemer?

Ordanini (2011) heeft door middel van case studies een onderzoek gedaan naar de beweegredenen van deelname in crowdfunding. Hij onderscheidt hierin 3 verschillende categorieën: Maatschappelijke-, rente-kapitaal- en kansbiedende projecten. In figuur 1 zijn de belangrijkste doelen en karakteristieken van beiden kampen weergegeven.


Alle drie de categorieën zijn interessant voor gebiedsontwikkeling. Maatschappelijke projecten zijn vergelijkbaar met goede doelen. Dit in combinatie met het principe van MyBar zou toepasbaar kunnen zijn voor bijvoorbeeld buurthuizen. Iedereen in de wijk (of misschien een andere schaal) kan een klein gedeelte van het buurthuis financieren waardoor hij mede eigenaar door middel van lidmaatschap wordt. Dit kan de sociale betrokkenheid van de wijk vergroten, en natuurlijk de kans van realiseren (van het buurthuis) enorm vergroten. Ook het vooraf besproken precedent I Make Rotterdam is hier een voorbeeld van.

Rente-kapitaal projecten neemt de dienst over die van oorsprong door de bank wordt verleend. Er kan voor een bepaalde periode een bepaald bedrag worden geleend, waarna het terug betaald wordt, inclusief rente. Hier zitten met name kansen bij het risico. Er kan gekozen worden voor het financieren van het ontwikkelproces, met een relatief laag risico. De reden hiervoor kan zijn dat de bank het wegens huidige marktdreigingen/-ontwikkelingen niet wil financieren. Na oplevering van het gebouw wordt de geldsom terugbetaald. Een andere optie is beleggen. Hierdoor komen projecten, in ontwikkeling danwel opgeleverd, in eigendom van grote groepen mensen. Het risico voor de deelnemers wordt hier echter behoorlijk vergroot en de macht om cruciale beslissingen te nemen gaat over naar de deelnemers.

De laatste categorie is de kansbiedende-. De oorsprong van crowdfunding komt voort uit deze categorie. Financierders willen actief deelnemen in de (veelal creatieve) initiatieven die aangeboden worden op de crowdfunding platforms. Op deze manier kunnen zij selecteren welk project er potentie heeft en dus direct hun invloed uitoefenen. Daarnaast zijn ze bereidt om hun (digitale) netwerken te gebruiken om de bekendheid van het project, en dus de kans op succes, te vergroten (Bagozzi and Dholakia, 2006).
De jonge woningbouwcorporatie 4winden test digitaal bij verschillende ontwerpen/locaties of er draagvlak in de markt te vinden is om de woningen te realiseren. Door de uitvoering pas te laten starten als er 100% afname verzekerd is wordt het ontwikkelrisico erg gereduceerd. Ook zal het kaft van het koren worden gescheiden waardoor alleen de plannen waar vraag naar is ook echt worden ontwikkeld (4WINDEN, 2011). De crowdfunding deelnemers, in dit geval op zoek naar een woning, maken door te financieren de keus welk project er wel en niet gerealiseerd wordt. Dit biedt ook mogelijkheden in veel andere varianten van dit model, er vanuit uitgaand dat de deelnemer actief wil deelnemen in de selectie en promotie van het proces.

Ieder vastgoedproject, als onderdeel van gebiedsontwikkeling, biedt aansluitmogelijkheden op verschillende vormen van crowdfunding. Met veranderende positie van de consument en de financiële situatie kan het zijn dat hier dé oplossing ligt. Waarom wordt het dan nu nog niet of nauwelijks gebruikt? Hieronder volgen een aantal knelpunten waar rekening mee moet worden gehouden met de toepassing van crowdfunding binnen gebiedsontwikkeling.
De bouw- en vastgoed sector staat bekend als een zeer terughoudendheid sector die innovaties liever mijden.
Met het principe van crowdfunding komen er veel (interne) stakeholders bij, met name bij rente-kapitaal projecten kan dit de effectiviteit van beslissingen erg in de weg gaan zitten.
Bij kansbiedende projecten kan het lastig zijn om deelnemers te vinden. Grofweg 31% van de eindinvestering (bij muziekartiesten) komt van personen dichtbij de initiatiefnemer (Agrawal et al., 2011). Des te groter de investering, des te lager is dit percentage (Belleflamme et al., 2011). Dit heeft te maken met het vertrouwen in het project.
Zoals vaak bij innovaties kan wet- en regelgeving voor obstakels zorgen. Als er voor gekozen wordt dat de deelnemer mede eigenaar van het project of product wordt, zijn er in veel landen beperkingen aan de hoeveelheid investeerders een bedrijf mag hebben (Belleflamme et al., 2011). Daarom geven veel bedrijven (en start-ups) geen aandelen maar andere vormen van beloning zoals een (sub)product of een lidmaatschap.
De meeste knelpunten hebben verdiepend onderzoek nodig om tot concrete oplossingen te komen maar de grootste obstakels lijken bij rente-kapitaal crowdfunden te liggen.


Wat?

Onder de kop ‘Waarom crowdfunding?’ zijn al een aantal mogelijkheden in het kader van vastgoedontwikkeling gegeven. Hier zullen nog een aantal punten worden opgenoemd waar rekening mee dient te worden gehouden.
Informatie- en motivatie-problemen zijn erg belangrijk in de context van een crowdfunding platform (Voorbraak, 2011). Met betrekking tot motivatie is het een gigantisch verschil met de traditionele manier van financieren aangezien bij crowdfunding vaak het rendement niet het eerste belang is van de deelnemer (Belleflamme et al., 2011). Er dient dan wel voor gezorgd te worden dat er een andere motivatie is om deel te nemen.
Informatie gaat vooral over openheid, delen en verbinden. Speling zit er in de deling van informatie vanaf de deelnemer. Er kan gekozen worden om deze informatie toe te passen of juist links te laten leggen. Uit onderzoek blijkt dat wanneer er sprake is van crowdfunding, er vaak weinig met deze informatie wordt gedaan. Een gevaar komt naar boven zodra er geen duidelijke uiting over dit onderwerp is gedaan en de deelnemers het gevoel krijgen dat hun mening niet wordt meegenomen in de beslissingen. Het gevoel van actieve deelname zal dan afzwakken waardoor de interesse in het project afneemt (Breeman, 2011). Een optie is om, bijvoorbeeld door middel van enquêtes, de informatie altijd bindend te verklaren en de keuzes van de menigte uit te voeren. Dan is er sprake van crowdforcing.

Een cruciaal verschil tussen crowdsourcing en -funding binnen gebiedsontwikkeling zit er in de fasering. Waar crowdsourcing optimaal gebruikt kan worden om de ontwikkeling beter af te stemmen op de vraag vóórdat er een definitief plan is, gaat crowdfunding uit van de beoordeling (door middel van wel of niet financieren) van een bestaand plan. Door deze twee principes te combineren zullen ze elkaar door kernwaarden als vertrouwen, informatiewisseling en levendigheid (op het crowd platform) enorm versterken. Deze uitdaging biedt kansen vanwege de inzichten in de marktpotentie voor het geplande product.

Het crowdfunding platform fungeert als bemiddelaar, het aanbod van gebiedsontwikkelingen met een grote groep geïnteresseerden met elkaar verbinden (Ordanini et al., 2011). In deze blog heb ik geprobeerd antwoord te geven op de vragen waarom, hoe, waarom crowdfunding en wat. Deze vragen leiden tot de beargumentatie van de stelling: Dé nieuwe trend: crowdfunding in gebiedsontwikkeling.

Kort samengevat: Er liggen hele grote kansen bij crowdfunding. Het gaat een groot deel van gebiedsontwikkeling uitmaken. Voordat er begonnen kan worden is het van belang eerste te bekijken wat de doelen en belangen van de potentiële investeerders en de uzelf zijn. Aan de hand daarvan kan er een bepaald type crowdfunding opgezet worden.Ten alle tijden is het van belang dat de beperkingen, obstakels en aandachtspunten genoemd in deze blog in acht genomen dienen te worden.

Nu is mijn vraag aan ieder die dit leest, geloven jullie hierin? Zo ja, wat zouden dan concrete randvoorwaarden en eisen hieraan moeten zijn? En waar komt de grootste tegenwind vandaan?


Bronnenlijst

4WINDEN. 2011. 4Winden [Online]. Available: http://4winden.nl/ [Accessed 12-10-2011.
ABRAMS, E. 2000. Essay structure [Online]. Writing Center at Harvard University. [Accessed 18-11-2011 2011].
AGRAWAL, A. K., CATALINI, C. & GOLDFARB, A. 2011. Friends, Family, and the Flat World: The Geography of Crowdfunding.
BAGOZZI, R. P. & DHOLAKIA, U. M. 2006. Open source software communities: a study of participation in Linux user groups. Management Science, Vol. 52, 1099-1115.
BELLEFLAMME, P., LABERT, T. & SCHWIENBACHER, A. 2011. Crowdfunding: Tapping the Right Crowd.
BREEMAN, F. 2011. Een verkenning van de democratische aspecten van crowdfunding aan de hand van drie cases. MSc, Universiteit Utrecht
CROWDFUNDING. 2011. Waarom gaat crowdfunding slagen? [Online]. Available: http://www.crowdfunding.nl/ [Accessed 04-11-2011 2011].
I MAKE ROTTERDAM. 2011. iMakeRotterdam [Online]. Available: http://www.imakerotterdam.nl/ [Accessed 12-11-2011.
LEIMEISTER, J. M., HUBER, M., BRETSCHNEIDER, U. & KRCMAR, H. 2009. Leveraging crowdsourcing: activation-supporting components for IT-based ideas competition. Journal of Management Information Systems, Vol. 26, 197- 224.
NEDESKI, S. 2011. Crowdfunding on Kickstarter.com. BSc, Universiteit Utrecht.
ORDANINI, A. 2009. Crowd funding: customes as investors. The Wall Street Journal.
ORDANINI, A., MICELI, L., PIZZETTI, M. & PARASURAMAN, A. 2011. CROWDFUNDING: TRANSFORMING CUSTOMERS INTO INVESTORS THROUGH INNOVATIVE SERVICE PLATFORMS. Customer and service science lab at Boccini University.
VOORBRAAK, K. J. P. M. 2011. Crowdfunding for financing new ventures: consequences of the financial model on operational decisions. MSc, TU/e.

maandag 17 oktober 2011

Onderzoeksopzet

Hier dan eindelijk mijn eerste blog!
Sinds september ben ik bezig met mijn afstudeeronderzoek over de mogelijkheden naar innovatieve media binnen de initiatieffase van gebiedsontwikkeling. Mijns inziens liggen hier grote mogelijkheden maar ook belangrijke beperkingen. Een beperking is de wetenschappelijkheid, en dus het fundament, van  trends en de vele nieuwtjes die gepubliceerd worden. Blogs, twitter, facebook, linkedin maar ook RSS-feeds of nieuwswebsites kunnen snel de juiste doelgroep bereiken. Dit zorgt ervoor dat geïnteresseerden makkelijk kennis op kunnen doen en dit direct weer verspreiden. Maar klopt de informatie ook wel? De komende 9 maanden zal ik deze ontwikkelingen, gekoppeld aan gebiedsontwikkeling, wetenschappelijk onderbouwen. Nieuwe inzichten, bevindingen of opmerkelijke dingen zal ik op dit blog gaan publiceren.

Reacties, vragen of hulp zijn van harte welkom. Ik ben te bereiken via social media of laat hier een bericht achter.

Hieronder is de conceptpresentatie van het onderzoeksopzet te zien: